Meer Double Dutch

05/10/2009

Betere lessen over anticonceptie moeten het aantal abortussen en tienerzwangerschappen verminderen

Vorig jaar raakte zo’n 13  op de 1000  meisjes tussen de 15 en 19 jaar oud zwanger. In het jaar 2000 waren dat nog 15 op de 1000 tienermeisjes. Dat is vergelijking met de Verenigde Staten heel weinig. Daar raakte in datzelfde jaar namelijk 85 van de 1000 tienermeisjes zwanger. Het gaat goed met de preventie van tienerzwangerschappen in Nederland. Sinds 2004 is het aantal behoorlijk stabiel gebleven. Nederland is een voorbeeld voor veel andere westerse landen.

Toch lijkt er iets vreemds aan de hand te zijn. De Rutgers Nisso Groep, het kenniscentrum op het gebied seksualiteit, publiceerde onlangs een artikel na aanleiding van de jaarlijkse Landelijke Abortus Registratie. Uit het onderzoek bleek dat tweederde van de vrouwen die een abortus hebben ondergaan, wel een anticonceptiemiddel heeft gebruikt ter preventie van zwangerschap. Eenderde gebruikte de pil, eenderde de condoom en eenderde niets. De conclusie die de Rutgers Nisso Groep daaruit trok, is dat veel vrouwen de anticonceptiemiddelen verkeerd gebruiken. Allochtone vrouwen en jongeren vormen daarvan de grootste risicogroep.

Ligt een mogelijke verklaring voor het verkeerde anticonceptiegebruik misschien bij de seksuele voorlichting die op de Nederlandse scholen wordt gegeven? Nederland is voor veel andere westerse landen toch een voorbeeld op het gebied van seksualiteit? Er zijn zelfs filmpjes in Engeland die de docenten daar de fijne kneepjes van het Nederlandse lesgeven in seksuele en relationele vorming moeten bijbrengen.

“Er zijn inmiddels veel goede lesmaterialen beschikbaar in Nederland.” Zo zegt Yuri Ohlrichs, seksuoloog bij de Rutgers Nisso Groep, “Daarin wordt niet alleen kennis over de biologische aspecten van seks behandeld. De materialen bieden ook gelegenheid tot uitwisseling van opvattingen, ervaringen en vragen met betrekking tot de sociale en emotionele aspecten. Zoals spanning tijdens de eerste keer. Helaas wordt op weinig scholen veel aandacht aan deze zaken besteed. Te vaak blijft het beperkt tot informatie over veilig vrijen, waarbij de condoomdemo, die soms zelfs nog op een bezemsteel of banaan wordt gedaan, de enige oefening is waarmee wordt getraind. Het gaat bij veilig vrijen ook om communicatie; wat wil je niet, wat wel en hoe onderhandel je. Dat is iets dat veel te weinig aandacht krijgt.”

Volgens een recente analyse van de Rutgers Nisso Groep en de Universiteit van Utrecht van de seksuele voorlichting op Nederlandse scholen, is veilig vrijen wel het meest dominante onderwerp binnen de lessen seksuele en relationele vorming. De drie belangrijkste boodschappen die de leerlingen meekrijgen zijn: anticonceptie geeft de beste bescherming tegen zwangerschap, de pil beschermd niet tegen soa’s en een condoom geeft de beste bescherming tegen soa’s. De conlusie die dan getrokken wordt is: “Als je vrijt, vrij dan veilig. Gebruik een condoom en de pil tegelijk.” Natuurlijk de beroemde Double Dutch methode.

“Het is goed mogelijk dat veel vrouwen en natuurlijk ook mannen die informatie niet goed hebben verwerkt.” Aldus Yuri Ohlrichs, “Het gaat te ver om alleen de seksuele voorlichting op scholen de schuld te geven. Inmiddels zijn er zo’n twintig jaar lang Vrij Veilig Campagnes over de Nederlandse jeugd en volwassenen uitgestort en nog steeds lopen jongeren soa’s op.”

“Seksuele vorming wordt ook weinig gegeven vanuit een positief uitgangspunt. De lessen worden eigenlijk gegeven ter voorkoming van allerlei ellende. Alsof je een kookles start met de waarschuwing dat veel eten slecht is voor de lijn en zoetigheid rot voor je tanden.”

Leerlingen geven toch een vrij hoge waardering aan de seksuele voorlichting die ze op school krijgen. In een puntensysteem van 1 tot 5 wordt er gemiddeld een 3,2 gegeven. Zo blijkt uit het onderzoek seks onder je 25e, ook uitgevoerd door de Rutgers Nisso Groep.

Een ander obstakel blijkt de religieuze en etnische achtergrond van sommige leerlingen. In een van de filmpjes over de Nederlandse seksuele vorming voor Engelse docenten vertelt Yuri Ohlrichs: “In een multiculturele samenleving als Nederland zijn niet alle ouders in staat om zo expliciet met hun kinderen om te gaan. Voor sommige kinderen met bepaalde culturele achtergronden is heel heel moeilijk om over seksualiteit te praten. Voor hen, komend uit een cultuur waar seks niet zo open wordt besproken als in Nederland, is het verwarrend. Van huis uit krijgen ze mee dat seks iets is wat je niet voor je huwelijk mag doen. Maar als ze op straat zijn of tv kijken of op school zijn,  dan wordt gezegt dat het prima is om seks te hebben. Zolang je het maar veilig doet. Door die verwarring hebben ze waarschijnlijk fouten gemaakt en wellicht onveilige seks gehad”

Ouders spelen dus ook een grote rol bij de seksuele vorming van jongeren. Maar die durven het vaak niet; ze weten zelf niet genoeg of voelen gene. Bovendien zitten weinig jongeren te wachten op informatie over seks van vader en moeder.

Ook is er een relatie te vinden tussen het opleidingsniveau en het aantal ongeplande zwangerschappen. Meisjes die van de Havo of van het Vwo afkomen hebben meer motivatie om een anticonceptiemiddel te gebruiken en dat vooral ook goed te gebruiken. Ze hebben vaak een duidelijker toekomstbeeld waarbij het krijgen van kinderen hun toekomst en levensdoelen in de weg staat. Vmbo-scholieren lopen meer risico. Bijna een op de vier gebruikt bij de eerste keer geen pil en geen condoom, zo blijkt uit het rapport Gebrek aan Regie, een kwalitatief onderzoek naar de achtergronden van tienerzwangerschappen. Meisjes van het Vmbo zien een kind niet als last. Ze hebben het gevoel dat ze dan eindelijk iemand hebben om van te houden en denken financiele zekerheid te hebben.

Een mogelijke verklaring van het verkeerd gebruik van anticonceptie is dus in verschillende hoeken te vinden. Het niveau van de seksuele vorming die op school wordt gegeven, het verwerken van de informatie die jongeren op school krijgen, de culturele achtergrond en het opleidingsniveau. Wellicht is het geboortecijfer onder tieners en het abortuscijfer in zijn geheel terug te dringen, als de lessen seksuele vorming meer verdieping krijgen. Oftewel; betere seksuele voorlichting voor alle jongeren in Nederland.

13 januari 2009
Door Karen van Dijk

Alles voor Tibet

01/04/2008

Leo Hoeksema:“Ik vind niet dat sporters de rotzooi op moeten ruimen van de mensen uit de politiek”

Er aan verdienen doet hij niet en toch is hij er acht volle maanden in het jaar druk mee. Leo Hoeksema, een van de oprichters en organisatoren van het festival Ticket For Tibet, vecht al jaren voor erkenning van het festival. “Eindelijk begint het balletje te rollen.” Het belooft dit jaar weer een mooie editie te worden met grote Nederlandse namen als Bløf, Racoon, Moke en Peter Pan Speedrock. Ook de Tibetanen zijn vertegenwoordigd, onder andere door de zanger Loten.

De timing van het festival lijkt alles te maken te hebben met de Olympische Spelen die deze zomer in Peking plaats zullen vinden. Ticket For Tibet is namelijk niet alleen maar een leuk festival; via deze weg willen de organisatoren aandacht vragen voor de situatie in Tibet. In februari reisde Leo, samen met een groep journalisten, af naar Dharamsala in het noorden van India waar de Dalai Lama en vele andere Tibetanen in ballingschap leven.

Bløf weigert naar de Olympische Spelen in Peking te gaan en speelt op Ticket For Tibet.

“Fantastisch. Dat is kleur bekennen! Peter van Bløf is een hele gematigde jongen. Hij was mee naar Dharamsala en daar is hij echt een activist geworden. Hij werd een stukje radicaler en dat is natuurlijk fantastisch om te zien. Emotie doet veel met eenmens, het maakt je wat strijdvaardiger. Zo waren we ook op bezoek bij een kinderdorp in Dharamsala. We stonden daar met alleen maar grote jongens en allemaal met de tranen in onze ogen! Door die onbevangenheid van de kinderen daar.”

Ben je de Dalai Lama nog tegengekomen in Dharamsala?

“Ik heb hem zelfs ontmoet! Er was een teaching van de Dalai Lama, ik was eigenlijk te moe om te gaan. Toch ben ik gegaan. Paul Hilkens (de andere oprichter van het festival) schrijft elk jaar een brief aan de Dalai Lama. Hij wilde dat ik eens zou proberen het aan de Dalai Lama te geven, want hem lukte dat nooit. Dus ik was met een valse perspas helemaal vooraan gaan zitten, als enige westerling tussen al die monikken. Op het moment dat de Dalai Lama tevoorschijn kwam, keken we elkaar meteen aan. Ik dacht “die laat ik niet meer los”. Hij liep gelijk op mij af. Eerst werd hij nog wat tegengehouden door de Indiase politie maar toen pakte hij toch het pakketje van me aan. Heel bijzonder was dat.”

Ben je van mening dat sporters de Olympische spelen moeten boycotten?

“Nee, ik vind niet dat sporters de rotzooi op moeten ruimen van de mensen uit de politiek. Maar je gaat als Pieter van de Hoogeband toch de geschiedenis in, als je met een gouden medaille tijdens je laatste Olympische spelen op het podium staat en dan in een keer laat zien dat je voor Tibet bent! Dat is toch fantastisch, want wat heeft hij nou te verliezen?”

Je bent zelf nog nooit in Tibet geweest, is dat niet een beetje vreemd als je voor de Tibetaanse kwestie strijdt?

“Ik denk dat ik hier in Nederland meer voor de Tibetaanse zaak kan betekenen. Hoewel ik wel heel erg benieuwd ben naar hun cultuur en hun land. Aan de andere kant ben ik solidair; veel Tibetanen kunnen hun eigen land niet in, dus ik kan het ook niet.”

1 april 2008
Door Karen van Dijk